Berichtgeving impact Moerdijk voor Leiden
20/01/2011Dinsdag 5 januari was er een brand in het verpakkingsbedrijf Chemie-Pack in Moerdijk. Naar aanleiding van deze brand, die door minster Opstelten een ramp is genoemd, zijn er op veel plekken roetdeeltjes en hoge concentratie van metalen gevonden. De berichtgeving op de website van de gemeente Leiden geeft voor mij aanleiding tot vragen.
Dinsdag 5 januari was er een brand in het verpakkingsbedrijf Chemie-Pack in Moerdijk. Naar aanleiding van deze brand, die door minster Opstelten een ramp is genoemd, zijn er op veel plekken roetdeeltjes en hoge concentratie van metalen gevonden. Met name in en rondom 10 km van Moerdijk. Het rijk/GGD c.q. www.crisis.nl geeft informatie over de gevolgen van de brand voor de gezondheid van mensen.
De gemeente Leiden bericht op 10 januari dat er voor Leiden geen gevolgen zijn en dat de rookwolk niet over Leiden is gekomen.
Op 14 januari valt op de website van de gemeente te lezen dat de pluim driekwart van Nederland beslaat. Het RIVM heeft het gebied ingedeeld in zones. Leiden bevindt zich op het randje van de pluim in de zone verder dan 60 km van Moerdijk. Binnen deze zone is niet uitgesloten dat er roetdeeltjes zijn neergedaald. Leiden en de andere gemeenten nemen de berichtgeving van de GGD over. In de berichtgeving staat o.a. dat: mensen die roetdeeltjes waarnemen geadviseerd worden te handelen volgens de richtlijnen zoals die zijn opgesteld door de RIVM. Deze richtlijnen zijn: Geen groenten uit eigen tuin consumeren; Kleine kinderen liever niet buiten laten spelen; Voeten vegen om roet niet naar binnen te lopen, roet kan op normale wijze worden verwijderd door middel van afspoelen; Vermijdt in het algemeen plaatsen met roet.
De communicatie van de gemeente Leiden beperkt zich tot het plaatsen van webteksten die zijn opgesteld vanuit de berichtgeving van de GGD. De tekst op vrijdag 14 januari bestaat uit een waarschuwing voor mogelijke aanwezigheid van roetdeeltjes en het volgen van enkele forse richtlijnen bij waarneming van roetdeeltjes. Hoewel de waarschuwing van mogelijke roetdeeltjes voor inwoners als flink beschouwd kan worden, is het verspreiden van de waarschuwing op vrijdag 14 januari miniem. Er is immers alleen via de website van de gemeente gecommuniceerd. Ook de mate waarin Leidenaren deze waarschuwing moeten opnemen ontbreekt.
Om bovenstaande redenen stellen wij daarom graag aan het college in de raadsvergadering van 20 januari de volgende vragen:
- Is het enkel sturen van updates op de website van de gemeente afdoende om alle inwoners op de aanwezigheid van mogelijke roetdeeltjes en de richtlijnen te attenderen? En is het verplicht om de berichtgeving zoveel mogelijk integraal van de GGD over te nemen of kunt u hieraan nog extra informatie of advies toevoegen?
- Bent u het met D66 eens dat de berichtgeving die op vrijdag 14 januari op de website niet volledig helder was en daardoor vragen opriep? Zoals hoe lang moeten kinderen bij het ontdekken van roetdeeltjes eigenlijk binnen blijven? En moeten Leidenaren die roetdeeltjes zien geen contact opnemen met de gemeente? En hoe zit het met de ernst van de specifieke situatie in Leiden t.o.v. dichterbij gelegen gemeenten en de noodzaak tot het nemen van voorzorgsmaatregelen?
- Bent u het met D66 eens dat ook het bericht d.d. 17 januari nog steeds vragen oproept en het advies enigszins buitenproportioneel lijkt en dat het juist bij mogelijke gezondheidsrisico’s belangrijk is dat we als gemeente helder antwoord geven op vragen. En daarnaast (onnodige) zorgen rondom onzichtbare gezondheidsrisico’s zo snel mogelijk weg nemen. Dit, omdat bij toekomstige rampen met (daadwerkelijk) grote schadelijke onzichtbare gezondheidsrisico’s men wellicht minder geneigd is om (vergelijkbare) berichtgeving serieus te nemen.
-Is het college bereid om de communicatie over de gevolgen van mogelijke roetdeeltjes in leiden n.a.v. de brand in Moerdijk te evalueren?
- Tot slot: moeten Leidenaren nu ieder voor zich concluderen dat er geen roetdeeltjes zijn (komen?) of kan de gemeente en de GGD hierin ook een meer adviserende rol spelen die bezorgde ouders verwachten?